Algemeen

Journalistiek anno 2014

Het accent in de hedendaagse journalistiek ligt steeds meer op snelheid in plaats van op kwaliteit. Een race tegen de klok tussen steeds meer tv- en radiostations, websites en gedrukte media, samengevat in de legendarische grap van een hoofdredacteur: ‘Het verhaal klopte niet, maar we hadden het wèl mooi als eerste!’.

Daarnaast zorgen voortdurende bezuinigingen voor kaalslag in het journalistieke veld. Redacties krimpen, de overblijvende mensen moeten noodgedwongen nóg sneller en oppervlakkiger gaan werken. Ze stellen zich vaak al tevreden met een quote of een opinie. Kwesties worden maar al te vaak niet meer grondig uitgezocht, simpelweg omdat de mankracht en de ervaring ontbreken. Ruimte voor kritische onderzoeksjournalistiek, gebaseerd op harde feiten, is er steeds minder. De waakhond van de democratie hijgt van de ene oppervlakkige scoop naar de andere hype.

Mijn werkterrein

In de gaten die daardoor vallen ligt mijn werkterrein. In overleg met redacties richt ik me op nieuwe, ‘eigen’ onderwerpen die in de waan van de dag blijven liggen, of ik zoek ‘afgehandelde’ onderwerpen verder uit.

Een belangrijk wapen daarbij is de Wob (Wet openbaarheid van bestuur). Snelle, gerichte verzoeken aan de (semi-)overheid (landelijk, provinciaal of lokaal) om cruciale informatie binnen wettelijk vastgestelde termijnen te leveren. ‘Wobben’ is bureaucratisch straatvechten. De overheid is de laatste jaren steeds bedrevener geworden in het pareren van informatieverzoeken; hele batterijen voorlichters en juristen doen er alles aan om journalisten in tijdnood te ontmoedigen, uit te putten of af te poeieren. De afgelopen twintig jaar heb ik me gespecialiseerd in het aangaan van deze journalistieke strijd. Hoe omzeil je de afdeling voorlichting? Hoe pareer je tijdrekken en afhouden door de wederpartij, en hoe zet je je onwillige gesprekspartners legitiem maar effectief onder druk om de gevraagde informatie tòch en binnen afzienbare tijd te verstrekken?

Wat kan ik leveren?

Mijn eindproduct kan bestaan uit het aanleveren van – via de Wob verkregen – documenten aan redacties, of uit het schrijven van een nieuwsbericht, een reportage of een interview naar aanleiding van die informatie. Overigens ben ik ook inzetbaar voor alle ‘gewone’, enkelvoudige schrijfklussen die minder research vergen.

Verder begeleid ik desgewenst (jonge) journalisten bij het indienen van Wob-verzoeken, zodat ze hier ervaring mee opdoen en dit onderbenutte onderzoeksmiddel in de toekomst zelfstandig kunnen toepassen. De journalistieke uitkomsten van zo’n samenwerking zijn voor de opdrachtgever: die krijgt dus een goed, liefst spraakmakend verhaal èn een training-on-the-job in één.

Mijn doelgroep is breed: landelijke en regionale kranten, weekbladen, websites, maar ook huis-aan-huis-bladen of andere journalistieke uitgaven.

Mijn honorarium wordt vastgesteld in overleg, afhankelijk van de gewenste werkwijze per uur, per dag(deel), per Wob-procedure of per eindproduct/artikel.